De parken van Lunetten, het Beatrixpark en Park de Koppel, passen bij veranderende ideeën in de jaren 1970 over het groen in de stad. Interesse in cultuurhistorie en ecologie beïnvloedden in deze periode de groenontwerpen. In Lunetten speelde daarnaast inspraak ook een grote rol in de totstandkoming van het groen.
In 1976 begon de bouw van de uitbreidingswijk Lunetten. Hieraan ging een proces van inspraak vooraf. Toekomstige bewoners pleitten voor een groene wijk waar rekening werd gehouden met het bestaande landschap. De wijk wordt omringd door wegen en het spoor. Om overlast tegen te gaan, ontwierp men een groenstrook om bijna heel de wijk. In het noorden en zuiden van de groenstrook kwamen 2 parken. Hans Pemmelaar, landschapsarchitect in dienst van de gemeente, ontwierp het groen in Lunetten.
Veranderende ideeën
In de periode na de Tweede Wereldoorlog werden in uitbreidingswijken nieuwe parken aangelegd. Deze parken hebben een strakke opzet met grote open weides. Er werd vanaf nul ontworpen en niet voortgeborduurd op het bestaande landschap. Rond 1970 kwam hier kritiek op en werden er in Utrecht steeds meer parken aangelegd met een meer natuurlijk karakter. Dit kwam voort uit veranderende ideeën in deze periode op het gebied van tuin- en landschapsarchitectuur. De groeiende interesse in cultuurhistorie en het bestaande landschap beïnvloedden de ontwerpen van de parken. Er werd in het ontwerp rekening gehouden met het bestaande landschap. Ook kwam de interesse in ecologie en milieubewustzijn in deze periode op. In de parken van Lunetten komt de nadruk op cultuurhistorie en ecologie duidelijk terug. De parken zijn dan ook typerend voor de periode waarin ze zijn ontstaan.
Historisch landschap
In het noorden van Lunetten werd het Beatrixpark aangelegd tussen 1977 en 1980 (afb.1). Hans Pemmelaar heeft bestaande landschappelijke elementen opgenomen in zijn ontwerp voor het park in de nieuwe wijk. Voordat de wijk werd aangelegd, bestond het gebied uit polderlandschap. Het bestaande slotenpatroon van dit landschap is bewaard gebleven in een deel van het park (afb. 2). Daarnaast zijn er 2 oude paden in het park opgenomen, de Oude Liesbosweg en het Houtensepad. Vooral de forten Lunet III en IV van de Nieuwe Hollandse Waterlinie hebben invloed gehad op het ontwerp van het park. De forten werden rond 1820 gebouwd en tot de 20e eeuw gebruikt als verdedigingsbouwwerk. Om de forten heen lopen grachten die in het zuiden van het park uitkomen op het Inundatiekanaal (afb. 3). Dit kanaal werd gebruikt voor de aanvoer van water om het gebied onder water te kunnen zetten. Dit werd inundatie genoemd. Al deze historische elementen hebben invloed gehad op het uiterlijk van het park. Ook in Park de Koppel, dat tussen 1982 en 1987 werd aangelegd in het zuiden van Lunetten, zijn bestaande landschappelijke elementen overgenomen (afb.4) . Dit zijn onder andere de 11e-eeuwse Koppeldijk en het slotenpatroon van het oude polderlandschap (afb. 5). Doordat de bestaande landschappelijke elementen in de nieuwe parken zijn opgenomen, is er een grote historische gelaagdheid zichtbaar. De parken zijn hierdoor erg plaatsgebonden en hebben een eigen karakter gekregen.





Ecologie
Naast cultuurhistorie speelde ecologie ook een grote rol in de ontwikkeling van de parken van Lunetten. Dit kwam voort uit een groeiende interesse in ecologie vanaf de jaren 1970. In het Beatrixpark en Park de Koppel werd bestaande beplanting behouden en aangevuld met inheemse plantensoorten. Deze soorten zouden van nature ook in dit gebied groeien. Daarnaast creëerde Pemmelaar afwisseling in de parken door contrasten te maken tussen open en dichtbegroeide gebieden. Door deze afwisseling zou de biodiversiteit toenemen. De strakke lijnen in de parken zijn door de beplanting vervaagd waardoor ze een natuurlijk karakter hebben. Allebei de parken hebben een afgesloten heemtuin (afb. 6 en 7). Dit is een ontoegankelijk gebied waar de natuur haar gang kan gaan. De nadruk ligt op de natuurlijke groei. Het aanleggen van heemtuinen in parken was erg populair in de jaren 1970.


Inspraak
De nadruk op cultuurhistorie en ecologie hangt samen met de inspraak van de (toekomstige) bewoners van Lunetten. In 1972 werd de Werkgroep Lunetten opgericht die kritiek had op het oorspronkelijke stedenbouwkundig plan voor Lunetten. Ze pleitten voor meer aandacht voor het historische landschap en groen. Deze nadruk op cultuurhistorie en groen zien we ook terug in het Beatrixpark en Park de Koppel. Toen het Beatrixpark aangelegd werd, waren er nog geen bewoners van Lunetten en was er geen inspraak op het ontwerp. Bij het ontwerp van Park de Koppel konden bewoners wèl meedenken. De ontwerper Hans Pemmelaar presenteerde een globaal ontwerp, waarna bewoners in verschillende werkgroepen het ontwerp verder konden invullen. Vandaag de dag zetten de bewoners van Lunetten zich nog steeds in voor het groen in hun wijk.
Hulp en contact – Erfgoed
Telefoon
Maandag, dinsdag en donderdag 9.00 - 17.00 uur
Woensdag en vrijdag 9.00 - 13.00 uur