De Utrechtse werven

Onze werven zijn uniek in de wereld. Een monumentaal erfgoed waar we trots op zijn. Hoe zijn de werven en hun werfkelders ontstaan? Een reis door de tijd van de Middeleeuwen tot heden.

Oudegracht: de eerste werfkelders

In de 12e eeuw werd de Oudegracht gegraven. Handelaren gebruikten deze gracht vooral voor de aanvoer van spullen. Het aan land brengen van die spullen was een heel karwei. Eerst sleepten ze de spullen vanaf de kade de oever op. Vervolgens brachten ze de spullen weer naar beneden naar de huiskelders van de grachtenpanden. De huiskelders waren opslagruimten (zie afbeelding 1).

Aan het einde van de 12e eeuw maakten slimme handelaren tunnesl vanaf de kade direct naar de huiskelders (zie afbeelding 2). Zo konden ze de handelswaar gelijkvloers verslepen. Om nog meer opslagruimte te creëren, maakten ze in de jaren daarna de tunnels steeds breder, waardoor de tunnels ook opslagruimten werden. Zo ontstonden de werfkelders zoals we ze nu nog kennen (zie afbeelding 3).

Haven dwars door de stad

Veel handelaren maakten een werfkelder. Hierdoor vormden de werfkelders een aaneengesloten rij aan beide zijden van de Oudegracht (zie afbeelding 4). Rond 1500 was de klus langs de Oudegracht ongeveer klaar. Met de werven en werfkelders aan de gracht had Utrecht een bijna 2 kilometer lange haven dwars door de stad. Met 4 kilometer aan kades, omdat aan beide zijde van de gracht kades zijn.

Werfkelders Nieuwegracht

Ten oosten van de Oudegracht werd tussen 1391 en 1393 de Nieuwegracht gegraven. De Nieuwegracht was vooral bedoeld voor een goede afwatering en bevoorrading van de daar gelegen huizen en kloosters. In tegenstelling tot de Oudegracht, werd de Nieuwegracht dus veel minder gebruikt voor de handel.

Werfkelders zonder werven

Ook langs de Nieuwegracht kwamen werven en werfkelders. Al waren sommige delen van de gracht te smal voor werven. De werfkelders grensden hier direct aan het grachtwater. Dat is nu ook nog steeds zo. Deze smalle stukken gracht kennen we tegenwoordig als: de Kromme Nieuwegracht, Drift en Plompetorengracht.

Verschillende werfkelders

Alle werfkelders waren persoonlijk bezit. Er waren dus veel verschillende eigenaren en de kelders waren in uiteenlopende jaren gebouwd. Hierdoor zagen de werven er vroeger compleet anders uit en is elke werfkelder uniek (afbeelding 5).

Herstel van de werven

Sinds 1948 heeft de gemeente Utrecht de meeste werven vanaf in bezit. De achtergelegen kelders niet. Sinds de werven gemeentelijk bezit zijn, zijn we begonnen met het herstellen van de werven en werfmuren. We verwijderde de erfafscheidingen en maakten de werven voor iedereen toegankelijk. Zo ontstond er beneden aan de werf dus een openbare straat.

Ook de walmuren, de muren tussen de wal en het water, pasten we in het midden van de 20e eeuw aan. De houten damwanden die veel werven hadden, vervingen we door een stenen walmuur. De walmuren zijn dus veel minder oud dan de werfmuren.

Herstel werfkelders

In de loop der jaren waren ook steeds meer werfkelders aan herstel toe. Veel kelders waren erg vochtig en daardoor slecht te gebruiken. Om dit op te lossen, zijn we in 2000 gaan samenwerken met de eigenaren van de kelders. Sinds die tijd hebben we in 9 jaar meer dan 700 werfkelders hersteld en ook meteen waterdicht gemaakt.  Vrijwel alle kelders aan de Oudegracht, Nieuwegracht, Kromme Nieuwegracht, Drift en Plompetorengracht kwamen aan de beurt.

Lees de brochure Werk aan de werf (pdf, 2,8 MB) voor het verhaal achter de werven.